Ingrediënten
(voor 2 personen)
- 1 kweepeer
- 150 ml droge witte wijn
- 50 ml water
- 0,5 el ahornsiroop
- 1 kaneelstokje
- 1 steranijs
- 0,5 laurierblaadje
- 1 tl sinaasappelschil
- 1 tl citroenschil
- 0,5 tl maizena (om het stoofvocht te binden)
- 150 g magere vanillekwark (zonder toegevoegde suiker)
- 1 handje blauwe bessen
- 1 takje verse munt
Bereiding
- Schil de kweepeer, verwijder het klokhuis en snijd het vruchtvlees in blokjes van ca. 2 cm (brunoise).
- Breng in een pan de witte wijn, het water, ahornsiroop, kaneelstokje, steranijs, laurierblad en de citruszestes aan de kook.
- Voeg de kweepeerblokjes toe en pocheer deze 15 minuten op ca. 80 °C (net onder het kookpunt), tot ze zacht maar nog stevig zijn.
- Haal de kweepeer uit het vocht en zet apart.
- Bind het overgebleven stoofvocht met een halve theelepel maizena (aangeroerd met een klein beetje koud water) en laat kort indikken.
- Rol de muntblaadjes op, snijd ze fijn en zet apart voor garnering.
- Maak 3 of 4 hoopjes kwark met een theelepel.
- Leg de warme kweepeerblokjes erop en lepel wat van de ingedikte siroop erover.
- Garneer met blauwe bessen en fijngesneden munt.






